Standpunt over vergoeding bij chronische pijn

28 april 2026

Op 20 april 2026 heeft het Zorginstituut Nederland (ZiN) een standpunt ingenomen over de vergoeding van interdisciplinaire medische specialistische revalidatie (iMSR) bij chronische pijn. Met dit nieuwe standpunt houdt een deel van de patiënten met chronische pijn recht op vergoeding van een revalidatiebehandeling, terwijl een ander deel hierop niet langer meer aanspraak kan maken.

 

Op dit moment leven drie miljoen Nederlanders met chronische pijn. Bij een klein deel van hen -nog niet één procent van het totaal- is de impact op het dagelijks leven zo groot dat zij baat hebben bij een behandeling door een revalidatiearts met behandelteam. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen die niet meer werken, of niet meer naar school kunnen vanwege hun aanhoudende pijn. Het ZiN vindt dat er onvoldoende bewijs is dat een revalidatiebehandeling deze mensen weer op weg helpt. Daarom dreigde de vergoeding voor deze behandeling uit het basispakket te verdwijnen. Voor meer dan 20.000 patiënten zou de revalidatiebehandeling dan niet meer vergoed worden.

 

Compromis
Met succes hebben artsen, patiënten/revalidanten, ziekenhuizen en revalidatiecentra laten zien dat deze specialistische zorg onmisbaar is voor een kleine groep mensen met chronische pijn. Na jaren onderhandelen hebben zij met het ZiN en de zorgverzekeraars een compromis bereikt. De komende jaren blijft een revalidatiebehandeling voor volwassen patiënten met chronische pijn beschikbaar, zolang zij kunnen laten zien dat zij hebben geprobeerd hun problemen op te lossen met een psycholoog en met een fysio- of ergotherapeut in een eerstelijnspraktijk. Nieuw wetenschappelijk onderzoek moet de komende jaren aantonen dat een interdisciplinaire medisch specialistische revalidatiebehandeling binnen een medisch specialistisch revalidatiecentrum, zoals Revant, meerwaarde heeft voor deze groep.

 

Reactie Revalidatie Nederland
Revalidatie Nederland (RN) is tevreden dat deze gespecialiseerde revalidatiezorg voor een deel van de patiënten voorlopig in het basispakket van de zorgverzekering blijft. Bovendien verwacht RN dat het aangekondigde onderzoek ertoe leidt dat de kwaliteit en de effectiviteit van de revalidatiebehandelingen definitief worden aangetoond.

 

Tegelijkertijd maakt RN zich zorgen over de impact van de nieuwe maatregelen. Patiënten die geen aanvullende zorgverzekering hebben, zullen moeite hebben met de eerste verplichte stap van het stepped-care-model: het werken aan een oplossing met een psycholoog en fysio- of ergotherapeut in de eerstelijn, vóórdat zij doorverwezen kunnen worden voor een interdisciplinaire medisch specialistische revalidatiebehandeling. Dit vermindert de toegankelijkheid van de zorg. Bovendien blijft RN scherp monitoren of de eisen van het stepped-care-traject er in de praktijk niet toe leiden dat de juiste zorg niet op de juiste plek wordt geboden. De komende periode zal RN met alle aangesloten revalidatiecentra de uitwerking van dit herziene standpunt van het ZiN nauwgezet volgen en evalueren, om ervoor te zorgen dat alle mensen met chronische pijn passende zorg krijgen.

 

Aanvullende informatie voor verwijzers vindt u hier

 

 

Veelgestelde vragen over Standpunt Zorginstituut Nederland over IMSR bij chronische pijn

Hoeveel mensen met chronische pijn worden elk jaar behandeld?

Afgelopen jaren nam het aantal mensen met chronische pijn dat een iMSR-behandeling ontvangt stelselmatig af. Gemiddeld ging het jaarlijks om ongeveer 30.000 mensen die werden doorverwezen. Een deel werd verder doorverwezen of kreeg een advies/consult. Maximaal 20.000 mensen volgden een interdisciplinair MSR-behandeltraject.

 

 

Welke klachten hebben deze patiënten?

Het gaat om mensen met uiteenlopende langdurige pijnklachten van het bewegingsapparaat, in bijvoorbeeld de nek, rug, armen of benen. De pijnklachten duren langer dan 3 maanden en er zijn geen nieuwe operaties of behandeling met medicijnen mogelijk. Patienten hebben vaak al behandeling gehad in de eerste lijn, zonder voldoende resultaat. De pijnklachten vormen een grote belemmering in het dagelijks leven van de patiënt. Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen die niet meer werken, of niet meer naar school kunnen vanwege hun aanhoudende pijn.

Waaruit bestaat de een iMSR behandeling voor Chronische Pijn?

Elke behandeling wordt op maat gemaakt, passend bij de specifieke pijnklachten en behandeldoelen van de revalidant. In algemene zin gaat het om een behandeling door een revalidatiearts, samen met een team van specialisten, zoals een fysiotherapeut, ergotherapeut en  psycholoog. IMSR bij chronische pijn richt zich op het verminderen van de gevolgen van chronische pijn voor het functioneren in het dagelijks leven. Revalidanten krijgen voorlichting over pijnsignalen en klachten en met een combinatie van therapieën, incl. poliklinisch (of heel soms klinische) zorg, leert men beter met de pijn om te gaan, zodat men bijvoorbeeld weer aan het werk kan, voor kinderen zorgen en/of beter voor zichzelf zorgen in het dagelijks leven.

Kunnen huisartsen en medisch specialisten blijven doorverwijzen?

Wat gaat er veranderen voor patiënten met chronische pijn? Kunnen huisartsen en andere medisch specialisten nog steeds een patiënt met chronische pijn doorverwijzen naar een revalidatiearts?

Het Zorginstituut heeft nieuwe regels opgesteld. Belangrijk is dat patiënten eerst proberen of hun klachten met een fysio- of ergotherapeut en een psycholoog uit de eerste lijn kunnen worden opgelost. Pas als dat niet lukt, komen zij mogelijk in aanmerking voor een behandeling door de revalidatiearts. In het kort komen de nieuwe regels hierop neer: een interdisciplinaire revalidatiebehandeling is alleen mogelijk als de patiënt in de 24 maanden voorafgaand aan de indicatiestelling een van de volgende twee trajecten heeft gevolgd:

  1. Gedurende minimaal 12 weken minimaal 6 behandelingen bij een eerstelijns fysio-, ergo- of oefentherapeut EN een behandeling bij een POH-GGZ (praktijkondersteuner bij de huisarts) of een psycholoog (minimaal 12 weken of minimaal 6 behandelingen).
  2. Gedurende minimaal 12 weken minimaal 6 behandelingen bij een eerstelijns psychosomatisch fysio- of ergotherapeut.

 

Als huisartsen of andere medisch specialisten naar de revalidatiearts doorverwijzen, moeten zij informatie opnemen over zowel de inhoud en het resultaat van de eerdere behandelingen als over het aantal behandelingen.

Wat betekent dit voor revalidanten die nu in behandeling zijn?

Voor deze revalidanten heeft het nieuwe standpunt geen gevolgen, zolang de behandeling voor 1 november 2026 wordt afgerond.

Wat betekent dit voor patiënten die nog niet zijn gestart?

Welke gevolgen heeft dit herziene standpunt van het Zorginstituut (ZiN) voor de patiënten die wel al een verwijzing van hun arts hebben gekregen voor een iMSR behandeling, die nog niet is gestart?

Patiënten die voor 20 april zijn verwezen en door de revalidatiearts de juiste indicatie hebben ontvangen, mogen nog starten met de behandeling, mits deze voor 1 november 2026 is afgerond. Patiënten die niet voor 20 april zijn geïndiceerd vallen onder de nieuwe regeling. Zij moeten kunnen aantonen dat de behandeling in de eerste lijn onvoldoende resultaat heeft opgeleverd (zie hierboven).

Wat betekent dit voor mensen met een nieuwe verwijzing?

Welke gevolgen heeft dit herziene standpunt van het Zorginstituut (ZiN) voor de patiënten die vanaf 20 april 2026 een verwijzing krijgen voor een iMSR behandeling? 

Deze patiënten vallen onder de nieuwe regels (zie hierboven).

Wat kan de revalidatiearts betekenen?

Kan een revalidatiearts iets betekenen voor patiënten die niet onder de nieuwe regeling vallen?

De nieuwe regels gaan alleen over een iMSR-behandeling. Een consult valt hier niet onder. Dat betekent dat een patiënt nog steeds kan worden doorverwezen naar de revalidatiearts voor een gericht advies.

Is het nieuwe standpunt van toepassing op kinderen?

Nee, het herziene standpunt van het ZiN over iMSR bij chronische pijn is van toepassing op volwassenen

test

test test 

<< Terug


www.revant.nl | Colofon | Disclaimer | Privacy statement